28 De Kleiweg

rew up ff
Kleiwegbrug 3
28

Kleiwegbrug met Kleiweg

Als een sombere sfinx rijst het torenloze silhouet van de Kleiwegkerk omhoog op de oude foto van Henri de Louw uit mei-1881.
De roomskatholieke kerk, gewijd aan Onze Lieve Vrouwe Hemelvaart, werd in de periode 1877-1878 gebouwd. Het godshuis werd in 1879 zonder torenopbouw en -spits opgeleverd, want daarvoor was toen nog onvoldoende geld beschikbaar. De spits werd pas in 1902 geplaatst. De kerk was ontworpen door architect A.C.Bleys en werd gebouwd op een plek, waar tevoren zeven woonhuizen en twee pakhuizen stonden; ook was er nog een stukje onbebouwd.
Helaas, volgens vele Gouwenaars, is de markante kerk slechts een betrekkelijk kort leven ver­gund geweest. Want al 62 jaar later, in 1964, werd de kerk gesloopt, omdat de ontkerstening en de leegloop van de binnenstad zich begonnen af te tekenen.
Door de gelovigen ‘te volgen’ naar de buitenwijken, werd een nieuwe parochie-indeling noodza­kelijk, waarbij de Gouwekerk toen als enige r.k.-kerk in de binnenstad overbleef. Het noodgebouw van het nieuwe warenhuis van V&D kwam op de plek van de afgebroken Kleiwegkerk te staan. Later, na het vertrek van warenhuis Raming, verhuisde V&D en trok in dat leegkomende pand. De noodbouw van V&D maakte vervolgens plaats voor een definitief win­kelcomplex van C&A, Hij en Blokker.
Aan de komst van Raming – voorheen: Bruns – naar de Kleiweg gingen eveneens sloopplannen vooraf. Voorheen zat Bruns op de hoek van de Lage Gouwe en Turfmarkt. Net voor de oorlog verliet Bruns die plek – en werd opgevolgd door het (voormalig) Gewestelijk Arbeidsbureau. (Na vertrek van het GAB naar de Hoge Gouwe, werd het oude warenhuisje afgebroken, en werd op die plaats een wooncomplex gerealiseerd).
Bruns – later: Raming – besloot niet voor niets naar de Kleiweg te verhuizen. De Kleiweg behoort immers tot de drukste zes winkelstraten van Nederland. En zegt een oud koopmansgezegde niet: ‘Waar drukte is, is nering’?
Kortom, restanten van het oude St. Elizabeths Gasthuis, het zogeheten ‘Oude vrouwenhuis’ werden in 1938 afgebroken. Het bijbehorend poortje werd gelukkig gered – en werd overge­bracht naar de Museumtuin. Daar, tussen stedelijk museum ‘Het Catharina Gasthuis’ en de St.Jans-kerk, werd het poortje opnieuw opgetrokken, samen met een dergelijk gebouwtje, dat aan het Nonnenwater moest wijken.
De (overleden) Gouwenaar A.P.M.Lafeber, in zijn tijd een groot deskundige op het gebied van het Gouds dialect, signaleerde ooit dat juist de Kleiweg de grens heeft gevormd voor twee on­derling verschillende vormen van dat dialect. Het ene dialect werd gesproken door bewoners van de Raam en omgeving, het andere door bewoners van de Tiendeweg en Wilhelminastraat. De heer Lafeber kwam als ziekenfondsbode elke week bij vele Gouwenaars aan de deur, en merkte op dat geheide Gouwenaars er een eigen taalgebruik op na hielden – een dialect, dat bovendien wijkgebonden was. Hij maakte van dat (nu vrijwel verdwenen) dialect aantekenin­gen, en zag zijn linguïstische inspanningen met erkenning bekroond. Oudheidkundige Kring ‘Die Goude’ wijdde een boek aan zijn studie. En de heer Lafeber werd door prins Bernhard geëerd met de zilveren anjer, namens het Anjerfonds.
Wie in het streekarchief Midden-Holland de moeite neemt om wat oude ansichtkaarten van rond de eeuwwisseling te bekijken, kan zien welke fraaie winkels er vroeger aan de Kleiweg waren gevestigd. En dan blijkt ook, dat in die jaren er nog particulieren aan de Kleiweg woonden, en dat er zelfs bedrijven hun ambacht uitoefenden.
Zo lag naast het voormalig Elisabeths Gasthuis het woonhuis met fraaie tuin van assuradeur J.A.P. Montijn. Zijn tuin werd later gevuld met een showroom voor auto’s; daarna maakte het complex plaats voor bouw van de nieuwe Hema.
Ook aan de Kleiweg waren gevestigd: uitgeverij, steen- en boekdrukkerij G.B. van Goor, de stallen van de gebroeders Blom (opgevolgd door C.A.J. de Goey), bondscafé ‘t Schaakbord (waar door Hein Tempelman en Sonja Meyer kunstenaarsvereniging ‘Burgvliet’ werd opge­richt), de verfwinkel van P.J.Bertels, de smederij van J.A.P. van Vliet, het woonhuis van de fa­milie Clemens-van Luijk, het winkelpand van J.G.Potharst (in bedden en matrassen), zadelma­kerij G.N. van Hooff, naaimachine-handelaar A.Lewenstein, banketbakker J.A.Verhoeff, le­vensmiddelenzaak L. P.Hoogendijk, slager A. Ultee, wijnhandelaar F.J.J. Boon van Ostade, magnetiseur J.F.F.J.Boon, sigarenmagazijn Van der Garde & Vrijlandt, schoenhandel C.Smits, schilderszaak J.P. Lugthart en stroopwafelbakkerij B. de Groot. Later zou stroopwafelbakke­rij/bakkerij Wever een bekend adres aan de Kleiweg vormen.