37 Lange Tiendeweg

rew up ff
Lange Tiendeweg 2
37
Lange Tiendeweg (2)

Als een kaarsrechte lijn verbindt de Lange Tiendeweg het stadscentrum met de stadssingel(s). Volgens lokale historici heeft de Tiendeweg vroeger nog verder gelopen – en maakte ook Achter de Kerk daarvan deel uit.
Op die wijze liep de Tiendeweg van de singel tot aan de Donkere Sluis – de knik in de Gouwegracht, die vroeger afboog richting Spieringstraat. Toen later de St.Janskerk werd gebouwd, werd ook de Tiendeweg (aan de stadszijde) ingekort.
Aan de singelzijde van de Tiendeweg was in vroeger tijden de stadsgevangenis gevestigd. Die maakte deel uit van de Tiendewegspoort, die in 1855 werd afgebroken.
De poorten en stadsmuren cq -wallen vormden eeuwenlang een belangrijk verdedigings­systeem in onze contreien. Maar nadat ons land een eenheidsstaat was geworden, was verde­diging van afzonderlijke steden niet meer aan de orde.
Immers, de tijden van de Hoekse en Kabeljauwse twisten waren lang voorbij, en afzonderlijke steden trokken niet langer tegen elkaar op. Vreemdelingen mochten vervolgens ook ’s nachts de stad in, en poorten waren dus overbodig geworden.
In die 19e eeuw werd door velen een stadspoort als een vervelende hindernis ervaren. Vandaar dat steeds meer stemmen opgingen om die poorten maar af te breken.
Zo kon het gebeuren, dat in het midden van de vorige eeuw alle Goudse poorten werden gesloopt – ondanks protesten van een geëngageerde enkeling als jonkheer Victor de Stuers, monumentenzorger avant la lettre.
De oude foto van uit 1881 van fotograaf Henri de Louw is genomen op de plek waar de Tiendeweg wordt gekruist door twee watertjes: dat van de Zeugstraat en van de Jeruzalemstraat. De Jeruzalemstraat wordt al in 1759 in de Goudse archiefstukken vermeld en is vernoemd naar de Jeruzalemkapel – een markant 12-hoekig gebouw, dat als een van Gouda’s oudste stenen gebouwen in 1504 op de hoek met de Patersteeg werd opgetrokken.
Het watertje stroomt daar langs de Vroesentuin, om af te buigen schuin tegenover het Joodse Poortje. Dat poortje stond vroeger aan de Boelekade, maar werd overbodig toen de voormalige Joodse begraafplaats moest wijken voor nieuwbouw. Nu is het poortje herbouwd in het Raoul Wallenbergplantsoen – op de plek, waar ooit de oude ‘Loyhalle’ stond.
De Zeugstraat herinnert aan de tijd, dat in de Goudse binnenstad nog stadsboerderijen ston­den, compleet met koeien en varkens. Ook werden van buiten de stad varkens naar de stad geleid. Ze werden aangevoerd voor de varkensmarkt, nabij de Agnietenkapel. Dat gebeurde dan onder meer langs de Zeugstraat.
De nabij gelegen Bostelbrug, vaste brug in de Lange Tiendweg over het water langs Zeugstraat en Jeruzalemstraat, dankt dan ook zijn naam aan bostel. Het was een restprodukt van bierbou­werijen en werd eertijds als varkensvoer gebruikt. Die bostelboten meerden vroeger af aan de Zeugstraat. Daarom was dat bruggetje ook vele eeuwen lang een hoge toogbrug, die pas in de 19e eeuw werd verlaagd tot het huidig niveau.
Op de hoek van de Lange Tiendeweg en het Zeugstraat-grachtje staat het fraai gerestaureerde huis ’t Grendeltje.

Die naam is een verwijzing naar de (overleden) eigenaar dr. Elize Grendel – bekend Gouds apo­theker, die het pand met veel liefde voor de stad en veel historisch besef heeft laten restaure­ren. In dat bewuste pand – net niet zichtbaar, rechts op de foto – zit nu een reisbureau. Maar het huisvestte ooit ook drie generaties van het bekende Goudse banketbakkers-geslacht De Goederen.