38 Karnemelksloot

rew up ff
Karnemelksloot
38
Karnemelksloot (gedeeltelijk)

Romantisch ingestelde historici mogen graag beweren dat de naam Karnemelksloot een verbastering is van het woord Carmelitessen , en dat zou dan slaan op het feit dat buiten de Goudse poorten, in oostelijke richting, vroeger een Carmelitessenklooster zou hebben gestaan. Niets is minder waar. Geschiedkundigen van naam hebben lang en uitvoerig gezocht of deze bewering een spoor van juistheid zou kunnen bevatten. Het bewijs werd nimmer geleverd. De naam Karnemelksloot moet daarom een zeer prozaische achtergrond hebben – namelijk dat via deze sloot oudtijds de karnemelk werd aangevoerd naar de stad. Want aardappels met kar­nemelk vormden vroeger het favoriete volksvoedsel van de grotendeels arme Gouwenaars. Anderen beweren dat de karnemelk juist als restprodukt van de boerderijen buiten Gouda was bestemd als bijvoeding voor de varkens op de hofsteden binnen de stadsmuren. Wellicht dat beide theorieën geldig zijn.
Feit is dat al in de 16de eeuw, in oude stadsacten, de naam Karnemelksloot voorkomt. De straatnaam is dus in elk geval al zeer lang in zwang. Als Carnemelx-sloot komt hij reeds in 1597 voor in de inventaris der Oude Rechterlijke archieven van Gouda.
Uit de oude foto van Henri de Louw, gemaakt in mei-1881, blijkt dat ook toen al de waterstand in de Karnemelksloot zeer hoog was, en dat ook toen al de beschoeiing in niet al te beste staat verkeerde. Wat dat betreft, is er in die 110 navolgende jaren weinig veranderd. De hoogte van de bruggetjes, op de oude foto van de Karnemelksloot, toont aan dat ook toen nog veel scheepjes uit de contreien naar de stad kwamen, om produkten van de boerderijen naar de stad te brengen. De schouwen voeren dan vervolgens over de Blekerssingel en kwa­men via het watertje bij de Houtmansgracht de binnenstad in.
Later verdwenen die hoge bruggetjes. Tegenover de Eerste Kade kwam toen een ijzeren op­haalbrug, die ook werd gebruikt door het treintje van de lokaal-spoorweg Gouda-Schoonhoven. Die railverbinding werd van 1914 tot 1943 in stand gehouden. Door ernstige verzakkingen van het zandpakket en andere oorzaken kwam toen een einde aan dit boemeltje, dat een halte had tegenover de huidige Panoramaflat.
De Jan Verzwollebrug ligt er nog steeds, al is de brug wel verbeterd in de loop der tijden. Vanuit de binnenstad gezien stond aan de rechterzijde van de Jan Verzwollebrug ooit een kroeg, die de weinig goeds voorspellende naam Logement droeg. Later werd dit pand omgedoopt in Stati­onskoffiehuis, omdat men daar op de trein naar Schoonhoven kon wachten.
Markant gebouw aan de Karnemelksloot is heden ten dage nog het complex, waarin de dienst van s’ Rijksbelastingen is gevestigd. Bij velen staat de aanduiding ‘Karnemelksloot’ daarom nog steeds gelijk met ‘belastingdienst’, en heeft deze straatnaam niet zo geweldig positieve klank. In hetzelfde complex was vroeger het laboratorium van de Rijkszuivelconsulent onderge­bracht. Nog eerder was het in gebruik als militair hospitaal.
Tegenover het belastingkantoor staat dus nu de Panoramaflat. Op de plek van het aanpalend woningcomplex was tot niet lang geleden een oud woonbuurtje gevestigd, dat bereikt kon wor­den via het (nu verdwenen) Diamantspoortje.
Dat poortje ontleende zijn naam aan de heer P. Diamant, bewoner van het aldaar gelegen hoekpand. Hij had daar ruim een eeuw geleden een stoffenververij. De smalle huisjes aan dit poortje tussen Boelekade en Eerste Kade werden tot zo’n vijftien jaar geleden bog bewoond; alleen de oostzijde was bebouwd.
Volgens auteur dr.A.Scheygrond, in diens boek ‘Goudsche Straatnamen’, is de naam van het water ‘Karnemelksloot’ langzamerhand overgegaan op de straten ter weerszijden: „De smalle (oneven genummerde) zijde aan de noordkant, die de Blekerssingel verbindt met de Zuidelijke Burgvlietkade, werd in het begin van de 19de eeuw aangeduid als Karnemelkskade. De (even genummerde) zuidzijde werd aangeduid als Karnemelksweg (proces-verbaal der grensbepa­ling van het grondgebied der gemeente Gouda van 1827). De zuidelijke weg is de oude tiendweg naar het Land van Stein en de Willens. Op de plattegrond van Blaeu van 1649 staat hij aangeduid als ‘de wech naar Utrecht’. Bij raadsbesluit van 29 januari 1960 is vastgelegd dat de weg vanaf de Karnemelksloot nr 2 tot de Tiendewegsbrug eveneens Karnemelksloot zal wor­den nannamri”