45 Wijdstraat

rew up ff
Markt 8
45

Tabakszaak ‘Van Vreumingen’

Ruim anderhalve eeuw is het markante pand van firma D.G. van Vreumingen – zoals de trotse tekst op de voorgevel luidt – al in gebruik als tabaks- en sigarenwinkel.
Sterker, hetzelfde pand is in 250 jaar eigendom geweest van slechts drie families, waarbij de Van Vreumingens hun niet weg te cijferen aandeel hebben geleverd.
Volgens de oudst bekende archief-gegevens was het pand Wijdstraat 20 – dat toen nog ‘de Eenhoorn’ heette – aan het eind van de zestiende eeuw eigendom van ene Thomas Dirkszoon Doncker. Hij was een lakenkoper.

In het ver voorbije jaar 1601 verkocht Doncker ‘de Eenhoorn’ aan Ghijsbert Janszoon Cincq, lid van het bekend Gouds geslacht, dat vele bestuurders heeft opgeleverd.
De naam van één van de Cincqnazaten leeft nog voort in het Cincq-hofje aan de Nieuwehaven. En weer een andere Cincq was bekend animator van de Goudse cultuur, waarbij Cincq’s boer­derij ‘Burgvliet’ een centraal punt vormde. Deze Cincq trad onder meer op als beschermheer van de Dordtse dichter Jan van Hoogstraten. Die liet vier bundels zogeheten ‘mengelpoëzie’ verschijnen, waarin ook gelegenheids-gedichten aan Cincq en diens familie werden opgedra­gen. Overigens zat lakenkoper Ghysbert Cincq in 1601, toen hij ‘de Eenhoorn’ kocht van T.D. Doncker, niet zo ruim bij kas. Daarom leende hij van de verkoper een bedrag van 3600 gulden, om de koop rond te krijgen – een vroege vorm van hypotheek.
Ruim een eeuw lang bleef het huis Wijdstraat 20 in eigendom van de familie Cincq. Pas in 1705 werd het verkocht door zoon Govert Cincq. Hij trad op als erfgenaam van zijn vader en van Ma- ria Suys, ook al zo’n bekende naam uit het Gouds regenten patriciaat.
Of het pand in die tussenliggende eeuw was vervallen, of dat de waarde van de gulden fors was teruggelopen, is niet te achterhalen. Wél staat vast dat de verkoopprijs flink was gedaald. Want Frederik Rochius betaalde als nieuwe eigenaar slechts 1.000 gulden, en hij voldeed de gehele som kontant.
Ook het geslacht Rochius bleef lange tijd in het bezit van ‘de Eenhoorn’. Zoon Abraham erfde het eerst, en daarna ging het in 1751 over in eigendom van dochter Maria Rochius. Zij deed het op haar beurt over aan drie leden van de familie Venroy. Vervolgens kwam het huis in bezit van ene Jan Coenraad Hund, die enkele jaren later ook een naburig pand aankocht.
In 1834 werd het kadaster ingevoerd, een erfenis van Napoleon Bonaparte. In datzelfde jaar bleek dat het huis inmiddels eigendom te zijn geworden van koopman Hartog Izak Lewijt. Hij bewoonde het samen met zijn schoonvader Abraham Sanders.
Na zijn dood erfde zijn vrouw het pand, en zij verkocht het rond 1840 aan koekbakker Dirk van Vreumingen.
Diens zoon Teunis begin in het pand als tabakskerver en -fabrikant. Deze Teunis was tevoren, op 5 oktober 1836, in het huwelijk getreden. Op 6 oktober 1836 opende hij officieel zijn tabakszaak ‘de Koophandel’. En sedertdien is deze winkel daar nog steeds.
Op bescheiden schaal werd op de bovenverdieping een tabakskerverij en sigarenmakerij inge­richt. De tabak werd gesneden op een ouderwetse handkerfbank en gedroogd op een plateest. De sigaren werden met de hand gemaakt. Het drogen van de sigaren had plaats bij de oven van pottenbakkerij Zwartjes en Co. De meeste handel betrof in die tijd de rooktabak en snuif. Maar ook de pruimtabak van ‘de Koophandel’ kreeg al gauw een wijde faam.
Teun van Vreumingen (1816-1875) is het dus, die de grondlegger mag worden genoemd van de tabakszaak, die nog heden het Goudse stadsbeeld siert. De winkel, die zich met terechte trots ‘Gouda’s oldest tobacco-shop’ mag noemen. Teun werd opgevolgd door diens zoon D.G. van Vreumingen (1842-1907). In 1905 trok D.G. van Vreumingen sr. zich uit de zaken terug en werd de zaak voortgezet door de heren A.S. en L.D. van Vreumingen.
Lodewijk – ofwel: Loe – van Vreumingen, zoon van Anton Daniel, is de huidige eigenaar. Hij wordt bijgestaan door zijn echtgenote, en door hun zoon Loet van Vreumingen, die de fakkel heeft overgenomen.
Volgens het kadaster werd het huis aan de Wijdstraat in 1891 gedeeltelijk vernieuwd. De oude D.G. van Vreumingen kocht in zijn tijd ook nog enige panden aan Achter de Vismarkt, waarin hij toen een sigarenfabriek vestigde. Deze zou tot na de oorlog in stand blijven. Kenners waar-deren niet alleen de sfeer bij en de service van Van Vreumingen. Ze bewonderen ook met graagte de 26 antieke Delfts blauwe tabakspotten van ruim twee eeuwen oud – een unieke col­lectie oud plateel, die op een bijzondere wijze het oorlogsgeweld van 1940-1945 hebben over­leefd. Ze werden toen veilig opgeborgen onder het solide metselwerk van de kelders van ‘Het Catharina Gasthuis’.

Dat bijzondere bezit wordt door vader Loe en zoon Loet eveneens met zorg gekoesterd – op weg naar het tweede eeuwfeest.