49 Lazaruspoortje

rew up ff
poortje
49

Het Lazaruspoortje

Wie goed de oude foto op deze pagina bekijkt, ziet wel het vertrouwde Lazaruspoortje, maar dan wel op een andere plek in het Goudse stadsbeeld.
Dat klopt, want sedert een jaar of veertig staat het Lazaruspoortje weliswaar Achter de Kerk, als toegangspartij tot de sfeervolle tuin van stedelijk museum Het Catharina Gasthuis.
Maar tevoren stond het markante poortje aan het Nonnenwater, in vroeger jaren het Rotterdam­sche Veer geheten. Het poortje vormde toen het laatste restant van het (inmiddels afgebroken) Leprooshuis – een complex waar de naastenliefde werd beoefend, ten behoeve van de talrijke lepra-lijders. Lepra ofwel melaatsheid was een besmettelijke ziekte, die toentertijd wijd was verbreid in ons land. De (overleden) Goudse historicus en medicus dr.J.G.W.F.Bik heeft ooit beschreven hoe Gouda’s oudste leprooshuis buiten de Potterspoort stond, nabij de Wachtelstraat. Het pand moet gestaan hebben ter hoogte van het ‘Producent’-complex. De naam Lazaruskade herin­nert hier nog aan. Het oude leprooshuis zou daar al in 1394 zijn gebouwd.
Toen in de jaren zeventig van de zestiende eeuw Gouda ook met oorlogshandelingen kreeg te maken, werden de landerijen rond de steden nogal eens onder water gezet – ook rond Gou­da.
Dat maakte het nodig dat het leprooshuis binnen de poorten kwam te staan. Als voorlopige oplossing werd gekozen voor een achterterrein van het St.Mariaconvent van de nonnen aan de Gouwe. Later zouden de melaatsen kunnen terugkeren naar de Wachtelstraat, maar zover is het niet meer gekomen. Op die plek in de Korte Akkeren werd vervolgens een herberg van hout en riet getimmerd, die als veelzeggende naam ‘Het huis der liefde’ meekreeg. Wachtende passagiers op de schuiten naar Rotterdam konden er overnachten. En ook Gouwenaars op zoek naar erotisch vertier werden er wel gesignaleerd.
Het Lazaruspoortje verleende toegang tot het Provenjershuis, waarvan het hoofdgebouw tot 1911 aan de Hoge Gouwe stond. Oudere Gouwenaars weten nog wel te vertellen dat het poortje ‘s winters in gebruik was bij ‘de Commissie tot bereiding en uitdeling van economische soep’. De afbeelding was symbolisch en goedgekozen. Lazarus was immers een bekend lepralijder uit de bijbel, die zich tevreden moest stellen met de kruimels van de tafels der rijken.
Wie het fraaie stenen tableau heeft gemaakt, is nergens officieel vastgelegd. Het jaartal is wel duidelijk: 1609. Prof. Neurdenburg, die een vergelijkende studie heeft gemaakt, schrijft het beeldhouwwerk toe aan Gouwenaar Gregorius Cool. Dat is dezelfde beeldhouwer, die ook tekende voor het bordes voor het stadhuis.
Toen in de loop der jaren het Gouds Energiebedrijf aan de Gouwe uitbreidde, moesten het Pro­veniershuis (bestemd voor de ouderenzorg) en bijbehorend Lazaruspoortje wijken. Dat was in de jaren 1939-1940.
Lange tijd werd het gesloopte bouwwerkje in stukken en brokken opgeslagen – totdat de (overle­den) oud-museumdirecteur dr.Jan Schouten het een nieuwe toekomst schonk als toe­gangspoort tot de museumtuin. Ook dr.Bik was bij dit plan betrokken.
Het verhaal wil dat het poortje eerst nog even – in 1955 – provisorisch werd opgebouwd in Rot­terdam, tijdens de manifestatie E-55 in de Maasstad. Daar sierde het de stand van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg.
Vervolgens verhuisde het – in 1964-1965 – alsnog naar de Goudse binnenstad. Het kreeg een renaissance-achtige ombouw, die aan de tuinzijde werd voorzien van een reliëf, afkomstig uit het Goudse weeshuis.

Ook de nieuwe foto van het Nonnenwater zal over niet al te lange tijd geschiedenis worden. De gemeente Gouda heeft voor het carré tussen Bolwerk, Hoge Gouwe, Nonnenwater en Turfsingel een grootschalig nieuwbouwproject in de maak. Dat plan voorziet in hoogbouw, waarbij flatwoningen en een parkeergarage zullen worden gecombineerd.